Contact    Over J. Brokking
Brokking
 
.net
 
Resultaat door eenvoud
 

 
   Startpagina
   Vraag & antwoord
   Praktische artikelen
   Bedrijfsvoering >
   Wetgeving >
   Normen >
   Explosieveiligheid
   Links & downloads >
   Berekeningen >
   Vercensa
   inspectiesoftware

 
De Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet)

Arbeidsomstandighedenwet

Een goede bedrijfsvoering van een elektrische installatie minimaliseert de risico's tijdens werkzaamheden met of aan de installatie. Uit het verleden is gebleken dat regels noodzakelijk zijn om een veilige en gezonde werkplek te waarborgen.

Geschiedenis

De overheid heeft in 1874 het "Kinderwetje van Van Houten" aangenomen. Door gebrekkige naleving is er in 1886 tot en met 1887 een uitvoerige enquête gehouden over de arbeidsomstandigheden van werknemers. Het advies van de commissie was het instellen van een onafhankelijke instantie die het toezicht op een veilige en gezonde werkplek moet uitvoeren. De regering heeft het advies overgenomen en in 1889 de eerste Arbeidswet ingesteld.

Huidige wetgeving

Nu, ruim een eeuw later is de Arbeidswet uitgegroeid tot de huidige wetgeving op het terrein van arbeidsomstandigheden. Veel arbowetgeving is afkomstig uit de richtlijnen van de Europese Gemeenschap. Deze EG-richtlijnen zijn volledig verwerkt in de arbowetgeving. De arbowetgeving bestaat uit vier niveaus:

  1. de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet);
  2. het Arbeidsomstandighedenbesluit (Arbobesluit);
  3. de Arbeidsomstandighedenregeling (Arboregeling);
  4. de Beleidsregels arbeidsomstandigheden (Arbobeleidsregels), en
    de Arbeidsomstandighedencatalogi (Arbocatalogi).

De Arbowet, het Arbobesluit en de Arboregeling bevatte dwingende voorschriften die moeten worden nageleefd. Bij het overtreden kan er een vorm van straf opgelegd worden.

De Arbowet is tot stand gekomen met instemming van het parlement en bevat algemene bepalingen over de bedrijfsvoering. De Arbowet is een kaderwet. Dit houdt in dat het geen concrete regels bevat maar algemene bepalingen en uitgangspunten over de arbowetgeving in Nederland.

Het Arbobesluit is een zogeheten "algemene maatregel van bestuur" en is tot stand gekomen door de regering zonder tussenkomst van het parlement. Vanuit de Arbowet wordt verwezen naar het Arbobesluit door de formulering "Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur...".

De Arboregeling is een ministeriele regeling die is vastgesteld door de minister- of staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Het parlement en de regering zijn bij het opstellen van deze regeling niet betrokken geweest maar onderschrijven wel de inhoud door verwijzingen vanuit de Arbowet en het Arbobesluit. De verwijzingen naar de Arboregeling is te herkennen aan de formulering "Bij ministeriele regeling..".

Door deze constructie is het mogelijk om op een lager niveau en sneller de arbowetgeving aan te passen.

Tot slot zijn er nog de Arbobeleidsregels en Arbocatalogi. Arbobeleidsregels zijn een bekendmaking van het arbobeleid van de minister of staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. In de beleidsregels wordt inzichtelijk gemaakt hoe de Arbeidsinspectie of een andere inspecterende instantie invulling geeft aan de Arbowetgeving. Dit zijn toetsingscriteria waaraan het beleid van een organisatie getoetst kan worden en geen dwingende regelgeving.

In de toekomst is het de bedoeling dat alle Arbobeleidsregels in branchespecifieke Arbocatalogi opgenomen worden. In een Arbocatalogus zijn afspraken opgenomen die door een branche zelf opgesteld zijn en daardoor beter aansluiten bij de betreffende branche. Na marginale toetsing van de Arbocatalogus door de Arbeidsinspectie, wordt deze vermeld in een zogenoemde verzamelbeleidsregel. Net als de Arbobeleidsregels zijn de Arbocatalogi geen wettelijke verplichting.

Bedrijfsvoering van elektrische installaties

De bedrijfsvoering van een elektrische installatie kan als volgt omschreven worden:

    "Beheer, inclusief alle elektrotechnische en niet-elektrotechnische werkzaamheden, noodzakelijk om de elektrische installatie onder normale en onder abnormale omstandigheden te kunnen laten werken, zoals schakelen, regelen, bewaken en onderhoud."(NEN 3140:2011 3.1.2)

Er staat in de Arbowet niets concreets over de bedrijfsvoering van een elektrische installatie. Wel is in artikel 3 lid 1 te lezen dat de werkgever een goed beleid moet voeren om werknemers te beschermen tegen de directe en indirecte gevaren van de elektrische installatie:

    "De werkgever zorgt voor de veiligheid en de gezondheid van de werknemers inzake alle met de arbeid verbonden aspecten en voert daartoe een beleid dat is gericht op zo goed mogelijke arbeidsomstandigheden, waarbij hij, gelet op de stand van de wetenschap en professionele dienstverlening, het volgende in acht neemt:..."

De wetgever geeft alleen het gewenste resultaat aan. Het is aan de werkgever om aan de gestelde eis een concrete invulling te geven. De bedrijfsvoering van de elektrische installatie moet volgens artikel 3 lid 1 in ieder geval de veiligheid en gezondheid van de werknemers garanderen.

Vaak wordt aangenomen dat de werkgever altijd aansprakelijk is voor de arbeidsomstandigheden van zijn werknemers. Dit is wel het uitgangspunt van de Arbowet. Er zijn echter situaties waarbij een ander zoveel invloed uit kan oefenen dat de werkgever niet meer primair aansprakelijk te stellen is. Artikel 16 lid 8 voorziet hierin:

    "Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de verplichting tot naleving van daarbij aangegeven voorschriften in de gevallen bij die maatregel omschreven rust op een ander dan de werkgever. Aangewezen kunnen worden de eigenaar of beheerder dan wel degene die anderszins bevoegd is te beslissen over...."

Een installatieverantwoordelijke neemt beslissen over het ontwerp, aanleg en onderhoud van een elektrische installatie. Door de Arbowet wordt de installatieverantwoordelijke primair aansprakelijk gesteld voor de correcte bedrijfsvoering van de elektrische installatie.

In het kader van de Arbowet hebben werknemers de verantwoordelijkheid om naar eigen vermogen zorg te dragen voor hun eigen veiligheid en die van andere personen. Artikel 11 gaat hierover:

    "De werknemer is verplicht om in zijn doen en laten op de arbeidsplaats, overeenkomstig zijn opleiding en de door de werkgever gegeven instructies, naar vermogen zorg te dragen voor zijn eigen veiligheid en gezondheid en die van de andere betrokken personen..."

De werkgever is verantwoordelijk voor het correct uitvoeren van de wetgeving. De werknemers zijn verplicht om de werkgever bij te staan in het uitvoeren van de wetgeving. Zo is bijvoorbeeld het opvolgen van de werkvoorschriften die opgesteld zijn door de werkgever en binnen hun vermogen uit te voeren zijn, een verplichting van de werknemer.

Concrete invulling

De wetgever maakt door de Arbowet duidelijk wat het gewenste resultaat is van een correcte bedrijfsvoering van de elektrische installatie. Hoe dit in de praktijk concreet in te vullen is aan de werkgever.

Hoofdstuk 3 van het Arbobesluit gaat over de inrichting van arbeidsplaatsen. Zo wordt bijvoorbeeld in artikel 3.1, 3.4, 3.5 en 3.29 al concreter in gegaan op de invulling van de gestelde eisen van de Arbowet. Maar dit is nog verre van praktisch.

In de Arbobeleidsregels van voor 1 januari 2011 zijn verwijzingen naar normen opgenomen. In beleidsregel 3.4 en 3.5 wordt verwezen naar de volgende normen:

  • NEN 1010, Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties
  • NEN 1041, Veiligheidsbepalingen voor hoogspanningsinstallaties
  • NEN 3134, Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties in medisch gebruikte ruimten
  • NEN 3140, Bedrijfsvoering van elektrische installaties
  • NEN 3840, Bedrijfsvoering van elektrische installaties
  • NEN 5237, Veiligheidsbepalingen voor elektrische schrikdraadinstallaties
  • NEN-EN 50110-1, Bedrijfsvoering van elektrische installaties
  • NEN-EN 50281, Elektrische toestellen voor gebruik in de aanwezigheid van ontbrandbare stof
  • NEN-EN-IEC 60079-14, Elektrisch materieel voor plaatsen waar gasontploffingsgevaar kan heersen

Er wordt gesteld dat er aan de verplichting van artikel 3.4 en 3.5 van het Arbobesluit is voldaan indien de voor de installatie beschikbare normen zijn toegepast.

Vanaf 1 januari 2011 zijn onder andere artikel 3.4 en 3.5 van de Arbobeleidsregels vervallen. Het is de bedoeling dat alle Arbobeleidsregels gefaseerd vervangen worden door de Arbocatalogi. Op 1 januari 2012 zullen ook de overgebleven Arbobeleidsregels vervallen. Per branche dient na deze overgang de beschikbare Arbocatalogus geraadpleegd worden. De arbeidsinspectie zal deze beschikbare Arbocatalogus ook gebruiken als referentiekader tijdens een inspectie.

Als er voor een betreffende branche geen Arbocatalogus beschikbaar is moet de werkgever zelf een correcte invulling geven aan de gestelde eis van de wetgever. Hierbij kan het handig zijn om de vervallen Arbobeleidsregels als richtlijn te gebruiken.


 

Brand!!
Wees voorbereid
en voorkom een
juridische nasleep.
 

De nieuwe
NEN 3140:2011
is gepubliceerd.
 
Wat verandert er
nu werkelijk?